Guatemala is een middeninkomenland - het behoort niet tot de armste landen ter wereld. Het geld en de macht is echter in handen van een kleine elite. Bijna driekwart van de bevolking leeft onder de armoedegrens. De economie leunt sterk op de traditionele landbouw sector en op het geld dat naar huis wordt gestuurd door Guatemalteken die in de VS werken.
Het Bruto Binnenlands Product (BBP) van Guatemala is ongeveer een tiende van het BBP van Nederland. Het BBP drukt uit hoeveel producten en diensten een land in een jaar heeft voortgebracht. Het is een maatstaf voor de welvaart. Het BBP in deze tabel is gecorrigeerd voor koopkracht. (Cijfers 2008, bron CIA World Factbook)
| 2008 | Guatemala | Nederland |
|---|---|---|
| aantal inwoners | 13,5 miljoen | 16,7 miljoen |
| BBP | $ 68 miljard | $ 670 miljard | BBP / inwoner | $ 5.200 | $ 40.300 |
Guatemala is sterk afhankelijk van de export van koffie, rietsuiker en bananen, en diens prijzen op de wereldmarkt. Andere exportproducten zijn textiel (katoen), groente, tropisch fruit, kardemom, bloemen, garnalen, textiel, hout, nikkel en olie.
De economie leunt sterk op de traditionele landbouw sector. De totale export bestaat voor 70% uit landbouwproducten. 1 op de 2 arbeiders werkt in de landbouw.
Landbouw bedraagt 25% van het BBP, industrie 20% en diensten 55%. De industriële sector bestaat m.n. uit suikerindustrie, textielindustrie (confectieateliers, maquilas), meubelindustrie, olie, metalen en rubber.
Meer dan de helft van de Guatemalteken heeft geen officiële baan, maar is werkzaam in de informele economie (kraampjes, straatverkopers, hand- en spandiensten).
Kinderarbeid komt veel voor in Guatemala. Omdat salarissen zo laag zijn, moeten kinderen vaak (mee)werken om in de dagelijkse behoeften te kunnen voorzien.
Olie wordt gewonnen in de Peten. De Amerikaanse multinational Union Pacific is de grootste olieproducent van Guatemala. Slechts 20% van de opbrengsten gaat naar de staat. Er wordt niet voldoende olie omhoog gehaald om aan de behoeften van het land te voorzien. Desondanks wordt olie naar de VS geëxporteerd. In beschermde natuurgebieden van de Peten ligt waarschijnlijk een grote (nog niet aangeboorde) oliereserve.
Goud wordt gewonnen door de onderneming Montana Explorations (Canadees-Amerikaans) uit de goudmijn Marlin, bij San Marcos. Slechts 1% van de opbrengsten gaat naar de staat. De zeer milieuonvriendelijke goudwinning gaat gepaard met hevige protesten van lokale bevolking en milieuactivisten.
Guatemala is een belangrijke doorvoerhaven voor cocaine en heroine. Veel geld dat in de economie rondgaat, is dan ook 'drugsgeld'. De macht van de drugskartels is groot. Banken zijn regelmatig verwikkeld in schandalen rond het witwassen van drugsgelden.
De grootste handelspartner is de VS. Daarmee is Guatemala sterk afhankelijk van de Amerikaanse economie. Ca. 35% van de import komt uit de VS en 40% van de export gaat naar de VS. De waarde van de import is echter veel groter dan de waarde van de export. Overige belangrijke handelspartners zijn de buurlanden (Mexico, El Salvador, Honduras). Export naar de EU is 5%, tegen 8% import. Ook wordt geïmporteerd uit Zuid-Korea, China en Venezuela.
Sinds juli 2006 is het vrijhandelsverdrag CAFTA tussen de Verenigde Staten en landen uit Midden-Amerika van kracht. Regering en multinationals zijn grote voorstanders van dit verdrag. In andere kringen wordt gevreesd dat de ongelijke concurrentiepositie (zwakke versus sterke economie) m.n. kleine Guatemalteekse producenten de das om zal doen.
Na het tekenen van de Vredesakkoorden in 1996, het einde van de burgeroorlog, nam de belangstelling van buitenlandse investeerders in Guatemala weer toe en werd belangrijke economische vooruitgang geboekt. Guatemala’s economie laat ook de laatste jaren groei zien, maar zeker niet zo voorspoedig als gewenst. Daarbij kampt Guatemala met hoge inflatie (12% in 2008).
Belemmeringen voor economische groei zijn o.a. de gebrekkige infrastructuur, slechte wegen, ongeschoolde en laag opgeleide bevolking, weinig vertrouwen in banken en een slecht functionerende kapitaalmarkt. Daarbij neemt de criminaliteit en georganiseerde misdaad eerder toe dan af en is corruptie eerder regel dan uitzondering. Drastische veranderingen zijn nodig voor een structurele verbetering van de economie die kansen biedt aan de hele bevolking.
Toerisme is een toenemende bron van inkomsten. Er komen nu ca. 1,5-2 miljoen toeristen per jaar. Het ontwikkelen van toerisme is een prioriteit van de overheid. Gezien de grote natuurlijke en culturele rijkdom van het land heeft Guatemala op toeristisch gebied geweldig perspectief. Om Guatemala aantrekkelijker te maken voor meer toeristen, moeten echter nog grote stappen worden gezet, vooral op het gebied van veiligheid en infrastructuur.
De helft van het landsinkomen gaat naar de rijkste 10% van de bevolking.
De agrarische elite (2% van alle boeren) bezit tweederde van de landbouwgrond.
Het gros van de boeren heeft een klein stukje land en verbouwt mais, bonen en groenten voor eigen consumptie of de lokale markt.
1 op de 10 Guatemalteken woont en werkt in de VS. Het geld dat zij jaarlijks naar huis overmaken (remesas), overstijgt de waarde van de totale export van Guatemala.
"In Guatemala kun je alleen genoeg geld verdienen om te eten. Als je een auto of huis wilt kopen heb je eigenlijk maar 1 keus: naar Amerika gaan."
"Guatemala is in essentie nog steeds een feodale staat. De families die de plantages met koffie, suiker en bananen bezitten, hebben nooit enige wil getoond hun land vooruit te helpen."
"President Colóm lijkt steun te krijgen uit een onverwachte hoek. Het moderne, jonge bedrijfsleven – niet de oude economische elite – ontpopt zich als medestander in de poging het land te moderniseren. Zij hebben er echt belang bij dat er iets drastisch gaat veranderen..."
Uit interview met Cees Zoon, correspondent voor de Volkskrant, in LA Chispa, magazine over Latijns-Amerika en de Cariben, nov. 2008
De inkomstenbelasting is erg laag (5-10%) en belastingontduiking aan de orde van de dag. Het verhogen van de belastinginkomsten staat al jaren op de agenda, maar de weerstand ertegen is zo groot dat geen enkele regering het tot nu toe heeft aangedurfd. De lage inkomsten maken investeringen in sociale voorzieningen haast onmogelijk.
Guatemala heeft net als veel andere ontwikkelingslanden enorme buitenlandse schulden (m.n. aan de Wereldbank en het IMF). Jaarlijks betaalt Guatemala aan rente en aflossingen meer dan aan gezondheidszorg of onderwijs.
